maandag 21 maart 2016

Vrijdag de 13e

Ja, ik weet dat het maandag de 21e is, maar geloof me, karma, het lot, god of hoe je het ook wilt noemen weet dat niet. Het universum heeft een heel akelige vergissing gemaakt en maandag 21 maart 2016 uitgeroepen tot een extra vrijdag de 13e.

Het begon al om halfnegen vanmorgen, toen ik erachter kwam dat mijn moeder mijn broertje naar het station bracht zonder te bedenken dat dat ik misschien ook naar college moest. Ik kan gelukkig ook prima met de fiets of bus. Het was koud en ik was lui, dus ik koos voor het laatste. Natuurlijk liep mijn trein vertraging op, gelukkig slechts een vertraging van twee minuten. Ik moest niet naar Leiden maar naar Den Haag, naar Museum Meermanno voor mijn minor. Dat had ik op zowel mijn normale e-mailadres als op Blackboard - een soort rooster- en collegeapp - gecheckt.

In Den Haag heb ik meer agenten dan burgers gezien. Het leek wel alsof er op het Malieveld een speciaal concert werd georganiseerd waar je alleen heen mocht als je een politiebusje of -paard had. Onderweg kwam ik een studiegenootje tegen - mijn enige studiegenootje dat dezelfde minor doet, dus we moeten samen het imago van Taalwetenschap hooghouden - en we liepen gezellig samen naar Meermanno.

zaterdag 19 maart 2016

Speech

Deze speech gaf ik tijdens het Tilt Festival in Tilburg op 18 maart 2016 in het programma Speeches. De organisator was [prod]nu en de locatie was De NWE Vorst. Het thema dat alle sprekers kregen was 'mijn strijd', de speech moest tussen de 800 en de 900 woorden lang zijn en zou ongeveer zes tot zeven minuten mogen duren. Het zou persoonlijk moeten worden. Hieronder kan je mijn letterlijke speech lezen. (Ja, ik was fucking zenuwachtig, maar na afloop waren er nog mensen bij de toiletten over mijn speech aan het praten, dus het ging denk ik wel goed.)


De organisatie stuurde deze foto door. Je kunt klikken voor een leesbare vergroting.

Wat ik ga vertellen zullen jullie geen succesverhaal vinden. Ik heb geen boeken geschreven, ik heb nooit gepubliceerd in een literair tijdschrift en ik heb nog nooit een schrijfwedstrijd gewonnen. Ik doe zelfs niet vaak mee aan schrijfwedstrijden. Er is er één waar ik meerdere keren aan heb meegedaan, vier keer om precies te zijn. Dat is Write Now!.

Dat vertaal je niet als ‘rechts nu’, maar als ‘schrijf nu’, voor de duidelijkheid. Ik weet dat ik Engels spreek als een echte Hollander. Write Now! is een schrijfwedstrijd voor jongeren tussen de vijftien en de vierentwintig jaar met zeven voorronden in Nederland, drie in België en één in Suriname. De top drie in elke voorronde wint een behoorlijk bedrag aan boekenbonnen en de nummer één mag door naar de finale, die een heel weekend duurt en plaatsvindt in Rotterdam. Onder de nummers twee en drie worden vier wildcards verdeeld waarmee zij alsnog naar de finale mogen. Om de uiteindelijke winnaar van Write Now! wordt door uitgevers gevochten. Dit jaar is de deadline op 1 april. En dat meent de organisatie serieus.

2012 was het eerste jaar dat ik meedeed. Ik was zeventien en mijn inzending ging over een kat die een betoog hield, vraag me niet waarom. Op dat moment had ik één vriendin die ook schreef. Zij las mijn inzending, ik die van haar, en we zorgden ervoor dat we het beste in elkaar naar boven haalden. Die vriendin en ik waren ingedeeld in dezelfde voorronde en zaten naast elkaar bij de prijsuitreiking. Tijdens de muziek en de voordrachten had ik het idee dat mijn hart tien keer zo groot was geworden en door mijn hele lichaam bonkte. Ik was licht in mijn hoofd, alsof ik elk moment kon flauwvallen. Zo had ik me pas één keer eerder gevoeld: toen een paard mijn pink er bijna afbeet en ik mijn pezen kon zien liggen.
Die avond werd ik tweede. Mijn vriendin won niets.

zondag 6 maart 2016

Schrijfplannen

Mijn laptop en ik zijn getrouwd. Ik denk dat we in maart samen ruim 20.000 kinderen, ik bedoel, woorden gaan produceren. Mijn maand zit vol, zo vol dat ik mijn agenda ben gaan gebruiken. Vreemd genoeg zit hij vol met schrijven.


Essays voor mijn studie, onderzoeken voor mijn studie, misschien een herkansing van een essay van 6000 woorden (of misschien niet, hopelijk dat laatste, ik heb echt een grafhekel aan academisch schrijven, objectief zijn en tienduizend keer je doodsaaie bronnen checken). Maar ook leuke dingen. Zo is vandaag mijn eerste historische verhaal gepubliceerd. Het heet Een dodelijk schot, het speelt zich af in het jaar 1201 in Mongolië en dit is de eerste alinea:

'Ik had geen gif nodig. Mijn vader zei dat ik eerder kon schieten dan rijden, dat ik op vijfjarige leeftijd een betere schutter was dan mijn broers. Als ik alleen was geweest, had ik nooit met ingehouden adem boven de zwarte vloeistof gehangen, wachtend tot er geen druppels meer van de punt van mijn pijlen gleden. Maar de anderen hadden naar me gekeken, geschreeuwd dat vandaag te belangrijk was. Als ik zou falen, zouden we allemaal sterven, beweerden ze. Ik gebruikte nooit gif en had nog nooit gefaald. Aan mijn ogen had ik genoeg: ze konden registreren, een centimeter van zwakte vinden en mijn vingers de weg wijzen. Mijn slachtoffer was al dood voordat hij van zijn paard gleed en vertrapt werd door andere hoeven.'

Als je het hele verhaal wilt lezen, kan dat hier. Het zal niet op mijn blog verschijnen.  Mocht je toevallig een hekel hebben aan de Mongolen, niet getreurd: over een paar dagen is de deadline voor mijn tweede historische verhaal en dat gaat over de Azteken. Als er geen gekke dingen gebeuren, publiceert RUMAG. vanaf mei blogs van mij en ook die zal ik niet plaatsen op Inhoudsloos gezwam. Sinds vandaag kan je alles wat ik doe en wat niet op mijn blog verschijnt vinden onder het kopje Publicaties. Mijn recente column voor Write Now! vind je daar ook.