donderdag 31 december 2015

'Ik ben een mens, geen pop uit een horrorfilm.'

Beste klantenservice van de app Microsoft Selfie*,

Ik vind het erg vervelend om u op oudejaarsdag lastig te vallen, maar dit is een spoedgeval. Een enorm spoedgeval. Wat zeg ik? Een gigantisch spoedgeval. Zoiets een baby met een navelstreng om zijn nek, zonder benen en met een hartstilstand. In die categorie spoed valt deze mail.

In het bericht dat op NU.nl staat, wordt het volgende over uw app gezegd: 'De app genaamd Microsoft Selfie is in staat om foto's automatisch mooier te maken.' Kijk, ik ben een enorme fan van selfies, zeker nu ik weer een telefoon heb die selfies kan maken, en ik stel het erg op prijs wanneer mijn selfies mooi zijn, dus ik dacht: ik download de app. Daar kan weinig misgaan, toch?

Ik liet de app mijn foto's automatisch bewerken en zette ze zonder goed te kijken op Tinder (ik had weinig batterij, dus de helderheid van mijn scherm stond op nul zodat ik toch nog kon chatten). Het was meteen raak: nog geen uur later had ik afgesproken met een jongen die we vanaf nu Egel noemen. Hij leek ook echt op een egel: bruin haar, bruine ogen en zulke harige armen dat hij met wat fantasie zelfs stekels had.

donderdag 17 december 2015

Jagers

'Het verhaal ‘Jagers’ speelt een slim spel met de verwachtingen van de lezer. Marjolijn van de Gender (21, taalwetenschap) doet dat erg subtiel, ook door het verhaal te beperken tot één episode, in één decor, waarin wel een hele wereld aan voorgeschiedenissen resoneert. Dat geeft een mooie spanning, zoals soms in goede foto’s, waar het belangrijkste net buiten het kader lijkt te gebeuren.'
- juryrapport Mare Kerstverhalenwedstrijd 2015

De zon zal zo opkomen. Elke seconde wordt de lucht lichter, het ruisen van de bladeren luider en de kans op sneeuw groter. Tussen de bomen hangen wolkjes die minder dicht zijn dan mist, als gordijnen die wachten tot wij ze opentrekken. De dieren zullen ontwaken. Ze zijn dorstig en zullen hun schuilplaats verlaten om water te zoeken.
Maar ze zullen ons vinden.

Harold was verbaasd toen ik het voorstelde. Het was jaren geleden dat we samen naar Duitsland waren gereden met onze laarzen, bruine jassen en geweren in de kofferbak van de auto. Zijn jas was van zijn vader geweest, die hem had geleerd hoe hij hagel uit de borstkas van een ree kon verwijderen zonder de rest van de week sliertjes vlees onder zijn nagels vandaan te peuteren. Op zijn beurt leerde hij mij alles wat hij wist. Samen slopen we over het mos, gluurden onder de struiken en sloegen toe. Het was een ritme dat we nooit hadden afgesproken en toch moeiteloos oppakten. We besloten niet om op een dag niet meer naar Duitsland te gaan, we gingen gewoon niet meer en we spraken er niet over. Een nieuw ritme.
Nadat onze jachthond overleed, namen we geen andere. We verhuisden naar een dorp, niet ver bij een natuurgebied vandaan. Het restaurant in onze straat trok bouillon van aangereden konijnen. Die smaakte naar de ziekte en zwakheid waaraan zo’n beest had geleden – als het gezond was geweest, was het niet onder een auto gekomen. Harold leek dat niet te proeven.
‘Er is geen enkele reden om te jagen,’ zei hij nadat ik mijn plan had uitgelegd. Dat zei hij ook in de maand dat er geen konijnen werden aangereden en ik zelf een val wilde zetten. Het speet me nog steeds dat ik hem gelijk had gegeven.
‘Jawel,’ zei ik, ‘het kerstdiner.’ Hij wist dat ik gek was op wild, hij was degene die aan het begin van ons huwelijk hertenbiefstuk leerde eten omdat hij het zo geil vond dat ik af en toe een stuk vlees in zijn mond stopte. Hij moest zich kunnen voorstellen dat ik was uitgekeken op de eeuwige kalkoen die compleet met braadzak werd geleverd en alleen in de oven hoefde. Zelfs hij moest dat begrijpen.
‘Hoe komen we aan een hond?’ vroeg Harold na een korte stilte.
‘We hebben geen hond nodig.’
‘Natuurlijk hebben we een hond nodig.’ Hij tikte met zijn kuiten tegen de poten van zijn stoel en ik wist dat hij zichzelf al zag staan, de winnaar die zijn voet op de flank van een dode ree zette. Zo simpel was hij. ‘Kennen we iemand met een jachthond?’
‘Volgens mij niet.’
Hij stopte met tikken. ‘Dan kunnen we niet gaan.’
‘Lieverd…’
‘Ik ga niet naar Duitsland zonder hond,’ zei hij. ‘Dat is net zoiets als naar Engeland gaan zonder paraplu. Die moffen lachen zich rot.’
‘Je moet ze niet zo noemen.’
Hij sloeg zijn armen over elkaar en keek me aan. Zijn ogen waren grijs en leken elk jaar valer te worden, zoals een trui die te vaak is gewassen. Soms is dat je lievelingstrui, soms is het dat ene kledingstuk dat alle ruimte in je kast lijkt op te slokken.
Voor de vorm zuchtte ik. ‘Vooruit dan. Ik regel een hond.’
‘Alles voor een hertenbiefstuk,’ zei Harold.
‘Alles voor een hertenbiefstuk,’ herhaalde ik.
De perfecte kerstgedachte.

dinsdag 8 december 2015

'Je bent arrogant.'

'Ik ben mooi,' zeg ik. 'Niet mooi zoals een modellenbureau bedoelt, maar ik vind mezelf mooi.'
'Je bent arrogant,' zegt het meisje naast me.


Wat een naar woord woord is dat, 'arrogant'. Het komt van het Latijnse arrogans en dat betekent 'trots, aanmatigend, veeleisend'. Volgens google heeft 'arrogant' tegenwoordig de volgende betekenissen, tussen de haakjes staat de eventuele definitie van de Van Dale:

- Aanmatigend (= bekakt, pretentieus)
- Bekakt (= arrogant, opschepperig)
- Eigendunkelijk (= geen resultaat)
- Elitair (= van een elite; van, voor een select groepje)
- Hooghartig (= trots, hautain)
- Hovaardig (= hoogmoedig, trots - mooi woord trouwens)
- Hoogmoedig (= geen resultaat)
- Hautain (= hooghartig)
- Ingebeeld (= denkbeeldig, verwaand)
- Laatdunkend  (= vol hooghartige minachting)
- Neerbuigend (= uit de hoogte)
- Pretentieus (= veel pretenties hebben, aanmatigend - erg duidelijk)
- Pedant (= verwaand)
- Trots (= met een te hoge dunk van zichzelf; [...] zelfbewustheid, eergevoel)
- Uit de hoogte (= geen resultaat)
- Vrijpostig (= brutaal)
- Verwaand (= arrogant)
- Waanwijs (= geen resultaat - weer zo'n mooi woord)
- Zelfgenoegzaam (= al te tevreden met zichzelf)
- Zelfingenomen (= met zichzelf ingenomen - juist ja)

Als je vanaf nu iemand arrogant wilt noemen zonder dat woord te gebruiken, heb je een aantal prachtige alternatieven tot je beschikking. Mijn absolute favoriet is toch wel 'waanwijs'. Maar goed, even terugkomend op arrogantie zelf. Ik vind dat een heel belangrijk onderwerp, want we leven in een samenleving waarin perfectie de norm is. Vrouwen horen jong te blijven maar mogen vooral geen plastische chirurgie ondergaan om jong te lijken, mannen horen een gespierd lijf te hebben, als je op je achttiende nog maagd bent word je op televisie uitgelachen, als je op je achttiende meer dan vijf bedpartners hebt gehad ben je als jongen een held en als meisje een slet, (jonge) mensen doen alles om op hun idolen te lijken en in scène gezette Instagramfoto's krijgen de meeste likes.

vrijdag 4 december 2015

Recensie: Insults Every Man Should Know - Nick Mamatas

Soms lees je een boek waarbij je na elke zin naar adem hapt, gewoon omdat het ritme zo mooi gecomponeerd is, de inhoud zo ongelooflijk spannend blijkt of omdat er een wijze levensles tussen de letters verborgen ligt. Vooral dat laatste is het geval in Insults Every Man Should Know, samengesteld door Nick Mamatas. Met wijsheden als 'Iedereen is lelijk als je maar lang genoeg kijkt' brengt deze schrijver de lezer tot nieuwe inzichten.

Toegegeven, ik ben geen man, maar ik ben wél feminist en gek op beledigingen. Weer een kleine leeswaarschuwing vooraf: dit boek kan behoorlijk grof zijn en mijn recensie en afbeeldingen dus ook. Als je daar om wat voor reden dan ook niet tegen kunt, zou ik niet verder lezen.

donderdag 3 december 2015

'Wil je praten?'

Ik sta aan het begin van de coupé, aan het einde staat een meisje van mijn leeftijd, ik ken haar niet, ze draagt een jas die niet bruin en niet oranje is en een hoed met een lint. Haar hand ligt op de glazen deur, ze heeft hem een stukje opengeduwd, maar ze beweegt niet. Ze wacht.

Als ik haar wil inhalen, kruisen onze blikken elkaar. Haar ogen zijn heel lichtbruin, een kleur die ik niet vaak heb gezien. 'Wil je praten?' vraagt ze.
'Ja,' zeg ik.
We lopen de coupé uit en vinden een lege bank in een andere. Ze haalt een lippenstift uit haar jaszak en gebruikt de ruit als spiegel. Buiten is het donker, waardoor je een reflectie van jezelf ziet. Ik kijk naar haar concentratie, naar haar mond die een stukje open is en haar hand die millimeter voor millimeter beweegt, zo nauwkeurig dat het lijkt alsof ze een schilderij van Rembrandt restaureert. Het is geen ongemakkelijke stilte. Het is gewoon een stilte.

woensdag 2 december 2015

Zwarte Piet, wie kent de discussie niet?

Net als ongeveer heel Nederland
wil ik het vandaag hebben over Zwarte Piet.
Toen ik zelf kind was, was er niets aan de hand
en lag deze discussie niet eens in het verschiet.

Afgelopen zomer heb ik geleerd
dat gedichten uit beelden bestaan.
Het beeld tegenwoordig lijkt ‘Zwarte Piet is verkeerd’
maar het halve land kan dat niet aan.

Ik was een kind op een witte basisschool
dus of kinderen van buitenlandse komaf zich beledigd voelden weet ik niet.
Zelf heb ik geen probleem met blanke vla of witte kool
en maak ik mezelf met plezier bruin als Zwarte Piet.

In Oostenrijk was iemand anders de vriend van Sint
een duivel, een letterlijke duivel, kijk maar op de plaat hier beneden,
sloeg met een bos takken naar elk kind
om het gedrag van de telg een beetje bij te kneden.

Sinterklaasfeest in Oostenrijk.