zaterdag 5 augustus 2017

Schrijfdagboek week 3: Mooie recensies & goed nieuws

Ik vind het zelf altijd erg leuk om te lezen hoe schrijvers te werk gaan en ik heb een reden nodig om mezelf te motiveren om een beetje door te schrijven, dus ik heb besloten om een schrijfdagboek bij te houden. Elke vrijdag zal ik een update over mijn schrijfproces op mijn blog plaatsen, compleet met stockfoto's die mijn emoties weergeven. Vandaag bespreek ik het jureren bij een schrijfwedstrijd, recensies, het schrijven van een kort verhaal, stap acht van de Sneeuwvlokmethode en goed nieuws.

Deze week ben ik een dag te laat met mijn schrijfdagboek. Gisteren had ik geen tijd om het online te zetten, dus het is in plaats van vrijdag zaterdag geworden. Ach ja, kan een keer gebeuren, het blijft een hobby. Eerlijk gezegd dacht ik dat ik de afgelopen week niet zo heel veel had geschreven, maar nu ik dit bericht in elkaar flans en gewoon vijf dingen moet bespreken, blijkt het mee te vallen. Laten we maar meteen bij de grootste lust en last beginnen.

Jureren bij een schrijfwedstrijd
Ik ben jurylid bij de schrijfwedstrijd van Historische Verhalen over de Gouden Eeuw en de deadline was afgelopen week. Er waren meer inzendingen dan verwacht. Inmiddels heb ik alles gelezen (zonder te weten wie de auteur bij elk verhaal is, ik heb ze genummerd gekregen zonder verdere informatie) en maandag gaan we (de jury) vergaderen. Mocht je dit lezen en mee hebben gedaan: tot maandag heb je dus de kans om me om te kopen. Ik houd van pure chocolade, zoute drop en alle kleuren wijn.

(Dit was een grapje. Ik vind melkchocolade ook lekker.)

Recensies
Paul Smis schreef een zeer uitgebreide analyse van de verhalenbundel waaraan ik meewerkte, die hij niet online zal zetten, maar ik heb toestemming gekregen om zijn beoordeling van alle verhalen die hij ‘geweldig’ vond te delen – en die verhalen zijn allemaal van mij! Hieronder kan je de beoordelingen lezen. Als een afbeelding niet leesbaar is, kan je hem vergroten en inzoombaar maken door erop te klikken.




Daarnaast verscheen de officiële recensie van Hebban van de verhalenbundel afgelopen donderdag en we krijgen vier sterren, yay! (En de bundel is gespot in een boekhandel in de buurt, yay! Nu even uitzoeken hoe ik een foto kan maken in een boekwinkel zonder op te vallen.)

Het schrijven van een kort verhaal
Ja, ik schrijf het als kort verhaal en niet als kortverhaal. Je schrijft namelijk ook lang verhaal en niet langverhaal en ik ben graag consequent. Of nou ja, dat ben ik helemaal niet graag, maar ik had het idee dat ik een reden moest geven voor deze keuze en dit klonk wel volwassen.

De afgelopen week heb ik een kort verhaal geschreven voor Historische Verhalen. Voor de website, niet voor één van de bundels. Of de redactie het goed genoeg vindt en of het ooit online zal komen weet ik nog niet, maar daar kom ik vast binnen een paar weken achter. Van al dat jureren kreeg ik zin om zelf te schrijven (een soort juryontwijkend gedrag) en ik vond het natuurlijk zonde om die zin niet te benutten. Korte verhalen hebben als voordeel dat je dat hele gezeik met die Sneeuwvlokmethode niet hebt. Ik bedenk een begin en een einde en ik begin te typen, zo makkelijk is het. Heerlijk.


De Sneeuwvlokmethode
Ook wel: de roman die geen roman is en die geen roman zal worden. De afgelopen twee weken heb je mijn enigszins vermoeiende reis door de Sneeuwvlokmethode al kunnen lezen. Voor wie niet weet waar ik het over heb: de Sneeuwvlokmethode is een stappenplan om een boek te schrijven. Ik gebruik hem als experiment om een lang verhaal te schrijven waarmee ik verder geen doel heb, het is gewoon een oefening. Ik ben nog steeds bij stap acht: de samenvatting van vier pagina’s verdelen in ongeveer honderd scènes en die scènes weer verdelen in hoofdstukken.

Vooral dat tweede is lastig. Ik heb veel korte verhalen geschreven en mijn korte verhalen zijn vaak één scène lang (soms met flashbacks die de scène onderbreken), waardoor ik de neiging heb om elk hoofdstuk van mijn lange verhaal ook uit één scène te laten bestaan. Dat mag ik van mezelf niet bij elk hoofdstuk doen, dus ik probeer scènes die ongeveer bij elkaar horen bij elkaar in een hoofdstuk te proppen, maar het is net als met kinderen: als je de verkeerde bij elkaar zet, gaan ze schreeuwen of janken of allebei en dan is het doffe ellende.

Zo ziet stap acht eruit.

Gelukkig verwacht ik dat stap acht volgende week klaar is. Stap negen (elke scène uitschrijven in één of twee pagina’s met dialoogfragmenten en ideeën) klinkt niet als iets waar ik zin in heb en de auteur van de Sneeuwvlokmethode gebruikt die stap zelf ook niet, dus die ga ik overslaan. Stap tien is het schrijven van de ‘eerste versie’, eindelijk! Over een week mag ik gewoon doen wat ik leuk vind. Overigens denk ik wel dat je verhaal in scènes verdelen en die scènes weer in hoofdstukken zetten een voordeel heeft: het schrijven zelf hoef je niet chronologisch te doen, omdat je precies weet wat er voor en na je scène gebeurt. Als je op maandag zin hebt om scène A te schrijven en op dinsdag om scène J te schrijven, kan dat zonder al te veel consequenties. Ook zorgt de indeling ervoor dat je precies weet hoe ver je bent met schrijven. Scènes die je hebt uitgeschreven, kan je wegstrepen. Dat is motiverender dan op de bonnefooi aan een lang verhaal beginnen en na 20.000 woorden vastlopen omdat je nog niet voorbij het begin of al bijna bij het einde bent. Stap acht van de Sneeuwvlokmethode is dus zeker nuttig, maar dingen die nuttig zijn zijn vreemd genoeg bijna nooit leuk.

Goed nieuws
Vorige week schreef ik dit: ‘Ik had me aangemeld voor een schrijfiets (schrijf-iets en niet schrijf-fiets, beste lezers, al zou ik graag zo’n fiets hebben) en ik zou eind juli horen of ik door de selectie was gekomen, maar ik heb nog niets gehoord. Het is natuurlijk nog steeds juli en ik kan in theorie nog iets horen - en toch heb ik er geen goed gevoel over. Zo'n laat bericht betekent bijna nooit een goed bericht.’

Op 4 augustus heb ik iets gehoord. Ik ben door de eerste ronde heen en ik mag naar de tweede: een gesprek. Mijn intuïtie is blijkbaar op vakantie. En mijn zenuwen zijn zojuist met spoed terug naar huis gevlogen.

Lijkt het jou handig om je verhaal in scènes te verdelen voordat je gaat schrijven of juist niet? Laat het me vooral weten!

2 opmerkingen:

  1. Waarom vraag je niet of je moet komen signeren?
    Dan is de foto zo gemaakt 😉
    Grt. EdRo

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Ligt eraan wat voor boek je wil schrijven, het lijkt mij wel handig om eea in stukken te verdelen. Maar dat het dan wel lijkt later alsof het spontaan is geschreven. Ik heb een hekel aan boeken met hoofdstukken van 2-4 paginas waar een hele duidelijke "cut" tussen scenes zit.

    Heb je 'een dode ziel' van John Connolly al eens gelezen ?

    BeantwoordenVerwijderen