maandag 16 november 2015

Lieve lezer

Het spijt me. Daar wil ik mee beginnen.

Ik had een column geüpload op de website van Metro in de hoop dat hij in de krant zou komen, maar helaas. Hij was niet goed genoeg en/of de concurrentie was beter. Dat kan, dat vind ik niet erg. Ik vind het al fantastisch dat deze column dagenlang in de top vijf op de website heeft gestaan en dat er bijna zeventig mensen gestemd hebben.

Om stemmen vragen is heel lastig, egoïstisch zelfs. 'Ik ben zo belangrijk dat ik met m'n kop in de krant wil. Voor de tweede keer.' Dat is eigenlijk wat ik je vertel. Heerlijk sympathiek, nietwaar?
Zeggen dat ik het niet zo bedoel zou hypocriet zijn: ik wíl immers met mijn kop in de krant, ik wíl immers meer lezers voor mijn blog, ik wíl immers meer volgers op Twitter en ik wíl immers die honderd euro die Metro aan elke columnist belooft. Ik ben een egoïst. Mijn blog heet Inhoudsloos gezwam, dat klopt - hij is echter wel een blog, een plek op internet die ik aan mezelf heb gegeven, een schetsboek dat ik met de hele wereld wil delen. Ik had ook een dagboek kunnen kopen en niemand lastig hoeven vallen, maar daar heb ik niet voor gekozen.

Daarom bied ik mijn excuses aan. Ik dring jou mijn schetsboek op met krabbels die soms meer onaf dan af zijn. Af en toe staat er een recensie tussen, maar na bepaalde reacties ben ik daar wat voorzichtiger mee geworden. 'Hoe durf je De Cirkel een onvoldoende te geven?' heb ik bijvoorbeeld recent gehoord. 'Heb je je eigen verhalen wel eens gelezen? Ga eerst zelf maar eens oefenen voordat je een mening geeft over een ander.'
Mijn god, als ik ooit half zo goed kan schrijven als Dave Eggers, boek ik een vakantie naar Hawaii om het te vieren. Overigens zit ik niet met zulke opmerkingen. De persoon die dit zei heeft alles onder het kopje Verhalen op mijn blog gelezen en vindt er wat van. Dat is het mooiste wat je kunt hebben: een tekst die wordt gezien, een tekst die wordt beleefd en een tekst die wordt onthouden. Wat de motivatie achter die dingen is maakt me minder uit. In elk geval: lezen en schrijven zijn in mijn ogen twee verschillende hobby's (het zijn ook twee verschillende woorden, voor het geval je dat nog niet had gezien) en het spijt me dat je met allebei geconfronteerd wordt.

Afgelopen zomer drukte een schrijfdocent me op het hart om me nooit te verontschuldigen voor een tekst. Ik verontschuldig me dus ook niet voor hetgeen wat ik schrijf - ik verontschuldig me voor de manier waarop ik dat doe, en ik wil je graag uitleggen waarom ik blog, waarom ik die egoïstische kant van mezelf accepteer en waarom ik om stemmen vraag.

Mijn blog heet Inhoudsloos gezwam omdat dat het commentaar was dat mijn docent Nederlands in de vierde klas van het gymnasium onder mijn betoog zette. Voor datzelfde betoog had ik een negen gekregen. Toen ik om opheldering vroeg, noemde mijn docent me 'arrogant' en een 'bombast'. Als je zo'n reactie kunt uitlokken, doe je iets goed, nietwaar?
Ik ben actief gaan bloggen op het moment dat ik dacht dat ik zou stoppen met schrijven. Ik had net veertien pagina's met commentaar over mij en het verhaal Façade gelezen op internet, achteraf geschreven door iemand die ik als vriendin beschouwde, en ik hoorde die negatieve stemmen in mijn hoofd. Ik kon slechts één enkel trucje, ik kon alleen schrijven in een 'bijzonder perspectief', als ik mee mocht met het finaleweekend en één van die mensen ook, dan zouden ze de organisatie opbellen om te zeggen dat ze niet met mij in de finale wilden staan...

Mijn blog heeft ervoor gezorgd dat ik doorging. Het maakte niet uit hoe slecht een stuk was geschreven, het maakte niet uit dat ik soms weken geen bericht plaatste, het maakte niet uit dat ik geen fatsoenlijke zinnen kon maken, als ik mijn blog maar niet zou verwijderen. Die was het bewijs dat ik er nog was, dat die mensen niet konden winnen, dat ik schrijven ooit één van de beste dingen op aarde had gevonden, dat schrijven mij ooit gelukkig maakte. Die was het bewijs dat ik toch een vierde keer mee zou doen aan Write Now! met een totaal ander verhaal dan de eerdere drie keren, een verhaal waarover die mensen op internet niet zouden kunnen klagen. Dat verhaal werd Prinses. Het is niet eens anders door het menselijke perspectief - in mijn lange, ongepubliceerde verhalen schrijf ik altijd vanuit mensen - nee, het is anders door de noodzaak die erachter zit. Dat verhaal had een doel, er stond iets op het spel. Net als deze blog moest het de hele wereld vertellen dat ik er nog was, dat ik nog meedeed, en moest het de illusie in stand houden dat ik wist waar ik mee bezig was.

Dat lukte iets te goed, want door dat verhaal mocht ik in juli dit jaar mee op zomerkamp met Das Mag. Ik zat tussen schrijvende deelnemers met zo ongelooflijk veel talent, talent waarvan ik alleen kan dromen, en ik kon échte, gepubliceerde, fantastische auteurs van dichtbij bewonderen. Ik bedoel, ik heb 'Goedemorgen!' gezegd tegen Hanna Bervoets, ik heb in een quiz-team gezeten met Lize Spit, en Niña Weijers als ik hebben een spelletje Weerwolven overleefd. Echt een fantastische ervaring.

Maar alle workshops, alle algemene tips en vooral de fantastische verhalen van de andere deelnemers hadden een keerzijde. De stemmen kwamen terug. Ik verdiende het niet om op kamp te zijn, ik kon alleen één trucje, ik verspilde tijd van mensen, niemand zat op mij te wachten, Dat kwam absoluut niet door het kamp zelf of door de deelnemers, die inmiddels vrienden zijn geworden (en dat is een keer of dertigduizend belangrijker dan alle blogs ter wereld bij elkaar). Het is een soort onzekerheid die sinds die veertien pagina's op internet in mij zit. Een onzekerheid waardoor ik ook bang ben geworden om voor te dragen. Een onzekerheid waarin schrijven opeens geen synoniem meer was voor plezier.

Ik wil dat dat terugkomt. Ik wil dat ik weer maandenlang met een lang verhaal bezig kan zijn zonder aan de mening van anderen te denken, ik wil weer vijf ideeën tegelijk hebben voor een kort verhaal en ze allemaal uitwerken zonder nog voor de eerste zin alweer te stoppen omdat er toch niets moois uitkomt, ik wil weer genoeg schrijven om er beter in te worden. Mijn blog is daar de belangrijkste stap in. Dankzij mijn blog weten mensen dat ik schrijf en praten ze daar met mij over, waardoor ik 'gedwongen' ben om te blijven schrijven. Dankzij mijn blog houden mensen updates in de gaten, waardoor ik updates blijf geven. Dankzij mijn blog stop ik niet. Of ik nou een blogbericht, een column of een recensie schrijf maakt niet uit. Het gaat erom dat ik schrijf, dat ik niet naar een wit vel staar en bedenk wat andere mensen van de woorden in mijn hoofd zouden kunnen vinden en besluit dat ik niets toe te voegen heb. Het moet gaan om plezier en dankzij mijn blog begint dat terug te komen.

Ik sta achter elke tekst van mij die verder komt dan een worddocument, of hij nou over zelfmoord, een toiletjuffrouw of een goed boek gaat, en als dat niet zo is, doe ik alsof. Ik wil mensen een reden geven om over mij te praten, ik wil relevante teksten schrijven, ik wil reacties uitlokken, want ik wil laten zien dat schrijven niet gaat om talent, ambitie of prestaties.

Schrijven gaat om plezier.

Zoals ik al een keer of drie heb gezegd, maar goed. Herhaling is een stijlfiguur en stijlfiguren zijn literair, daar zullen we het op houden. Nu weet je waarom ik blog en waarom ik mijn egoïstische kant accepteer - het is voor een hoger doel (en stiekem ben ik ook hartstikke egoïstisch). Mijn vraag om stemmen en zo'n column in Metro zijn hulpmiddelen: fake it 'till you make it. Bijna zeventig mensen die op je tekst stemmen is lekker, dat zijn er meer dan de mensen die negatief over mij als persoon praatten. Genoeg positieve gedachten drukken die onzekerheid weg, waardoor de blokkade wordt opgeheven en ik weer nieuwe dingen durf te proberen, weer fouten durf te maken en ik uiteindelijk weer 'moeiteloos' (let op de aanhalingstekens) fictie kan schrijven.

Ik zei toch dat ik egoïstisch was?

Iemand die graag wil schrijven

1 opmerking:

  1. Mooi stuk, duidelijk uit de grond van je hart - je schrijfdocent heeft gelijk, en zijn advies strekt zich natuurlijk ook uit tot blogs en recensies... keep going!

    BeantwoordenVerwijderen