zaterdag 19 april 2014

Zaterdag - slot over zelfdoding

Gisteren was ik vooral moe en boos op de mensheid, op de reacties die ik kreeg terwijl ik nog in de trein zat, op de mensen die ik het vertelde en die het schijnbaar grappig vonden en op de mensen die meenden dat de NS hen flesjes water hadden moeten geven. Ik had ontzettend slecht geslapen en het moment waarop er botten onder me werden vermalen kwam een keer of honderd voorbij voordat de zon gisteren opkwam.

Vandaag is het anders. Ik stond op met energie. Ik had goed geslapen. Ik had honger. Pas rond halftwee ’s middags, op de fiets, dacht ik er weer aan. Omdat het weer zo’n mooie dag was, net als eergisteren. Dezelfde hitte die ik voelde toen ik van de ramptrein in de evacuatietrein stapte streelde mijn haar. Een betere herinnering dan een fiets die geen fiets bleek te zijn.

Mijn vriendinnen hadden tegen me gezegd dat ik vandaag moest gaan paardrijden. Vooral niet afzeggen, was hun boodschap. Ik ben blij dat ik het niet heb afgezegd, want buiten in de zon, in de rijbaan waar zoveel zand stoof dat het echt tussen mijn tanden kwam, werd alles normaal. Het paard gaf me geen excuus om weg te dromen. Jong, blij, met de lente in de bol, maakte hij bokkensprongen als ik niet oplette.

Op stal maakten we selfies. We, ja. Paardlief heeft ons vereeuwigd door met zijn neus tegen de touch screen te duwen. Zijn lippen tegen mijn haar resulteerden in de spontaanste selfie die ik ooit heb gezien, waar ik lachend en met dichtgeknepen ogen opsta, en oprecht plezier heb. Zo snel al.

Ik was bang dat ik eenmaal thuis weer moe zou zijn, weer zou moeten denken aan de man die onder de trein is doodgegaan. Maar dat gebeurde niet. Het is een normale zaterdag. Eergisteren lijkt alweer weken geleden. Morgen is het Pasen, overmorgen ben ik vrij, en dinsdag stap ik weer in de trein. Voorin, in de stiltecoup√©. Als je van een paard valt, klim je er ook zo snel mogelijk weer op. Anders word je bang.

Ik heb deze serie blogs niet alleen geschreven om de gebeurtenis een plaats te kunnen geven – daar had ik net zo goed een dagboek voor kunnen gebruiken. Ik heb ze geschreven zodat je kunt lezen wat er gebeurt wanneer er iemand besluit om zelfmoord te plegen door voor de trein te ‘springen’ (vaak springen die mensen niet, maar staan of liggen ze op het spoor – als je springt, heb je namelijk kans dat je afketst tegen de zijkant van de trein en per ongeluk overleeft). Met mij gaat het goed en ik verwacht dat het goed blijft gaan. Maar met de machinist en de conducteurs, en misschien ook met betrokken hulpverleners, zal het waarschijnlijk een stuk minder goed gaan.

Zelf ben ik iemand die regelmatig klaagt over de NS, maar na Witte Donderdag heb ik me voorgenomen om dat niet meer te doen. De communicatie na de aanrijding was top. In 2011 waren er 215 zelfdodingen op het spoor. De NS zijn zo ontzettend lief (of in elk gevoel toen) om een bloemstuk naar de nabestaanden te sturen, zoals je kunt lezen in het artikel over verwerking dat ik bij de vorige twee blogs heb neergezet. De conducteurs moeten hulp verlenen, maar houden daar vaak psychische schade aan over. Zoals er in dat artikel gezegd wordt: je weet dat er niets meer te redden valt wanneer de botten onder de trein kraken. Dat weet je gewoon. En toch gaan ze naar buiten, met een oranje koffer die geen nut meer heeft.

Wat ik vooral hoop, is dat iemand die zo ontzettend klem zit dat hij of zij geen andere uitweg meer ziet dan zelfdoding en overweegt om dat via een aanrijding met de trein te doen, mijn berichten leest. Ik kan niet oordelen over jouw lijden, ik kan niet beslissen of jij moet leven of niet, maar ik hoop dat je, als je geen uitweg meer ziet en niemand jou nog hulp kan bieden, niet kiest voor deze manier. Lees de links op deze blog, lees dit verhaal. Je betrekt zoveel mensen bij je zelfmoord, zoveel mensen die wakker liggen omdat ze jouw botten horen breken, mensen die naar jouw lichaam moeten kijken en het moeten afdekken, mensen die jouw stukjes bij elkaar moeten zoeken, mensen die jou zien staan of liggen op het spoor en niet meer op tijd kunnen remmen en zichzelf daarom vervloeken...

Ik heb mijn best gedaan om dit onderwerp met respect te behandelen. Dit was het verhaal achter een nieuwsberichtje dat in 2011 215 keer werd geschreven: ‘aanrijding met een persoon’. Dit berichtje hoorde bij mijn verhaal. Bedankt voor het lezen en een fijn lang weekend toegewenst!

Geen opmerkingen:

Een reactie posten